Alles over zwemles

Een initiatief van:

Veelgestelde vragen

Is er iets wat je altijd al had willen weten over zwemles? Per categorie vind je het antwoord op diverse vragen. Staat je vraag er niet tussen? Neem contact met ons op.

Beginnen

  • Is het beter om te kiezen voor zwemles in een kleine groep?

    De Nationale Raad Zwemveiligheid heeft onderzoek gedaan naar de invloed van de grootte van de groep bij zwemlessen. Daaruit blijkt dat de groepsgrootte geen cruciale factor is bij de snelheid waarmee een kind zijn diploma haalt: er is geen verschil aangetoond. We weten dat kleine kinderen vooral leren van elkaar. In dat licht is een grotere groep voordeliger dan privé les. Voor oudere kinderen geldt dat minder omdat die beter in staat zijn om instructies op te volgen. Een goede lesgever die oog heeft voor ieder kind en de manier van lesgeven op ieder kind kan aanpassen is volgens ons belangrijker dan de precieze grootte van de groep.

    De maximale groepsgrootte wordt bepaald door de veiligheid en is bijvoorbeeld afhankelijk van de grootte van het zwembad en het aantal zwemonderwijzers per groep. Ook hier speelt de voorkeur van de ouders en het kind een doorslaggevende rol.

  • Kan ik als ouder iets doen om het leren zwemmen te versnellen?

    Je kunt het voor je kind makkelijker maken door veel te gaan zwemmen. Doe dan geen oefeningen, maar maak het zwemmen leuk. Ga samen van de glijbaan of doe spelletjes. Jouw aanwezigheid zorgt ervoor dat je kind zich op zijn/haar gemak gaat voelen in het water. Dat geeft zelfvertrouwen!

  • Kun je ook voor de leeftijd van vier jaar al iets doen?

    Er bestaan verschillende namen voor activiteiten met jonge kinderen: ouder- en kindzwemmen, baby- en peuterzwemmen, guppy- en puppyzwemmen of survivalzwemmen. De essentie ligt in het idee dat je kind in een aantal lessen bijvoorbeeld leert draaien en drijven of vanuit het water op de kant klimmen. Vaak is de cursus voor je kind samen met jou als ouder.

    De Nationale Raad Zwemveiligheid stimuleert ouders zo’n cursus met hun jonge kind te volgen. Het helpt de zelfredzaamheid van je kind in het water te vergroten. Je hebt samen met je kind plezier en je kind krijgt vertrouwen in het water. Informeer bij het zwembad in de buurt naar de mogelijkheden.

  • Kunnen oudere kinderen en volwassenen ook op zwemles?

    Ook op latere leeftijd kun je leren zwemmen. Veel zwemlesaanbieders organiseren aparte zwemlessen voor oudere kinderen en volwassenen, waar ze in een rustige omgeving leren zwemmen. Het komt ook voor dat grootouders die nooit hebben leren zwemmen, meedoen met de zwemles van hun kleinkind. Informeer voor zwemles voor oudere kinderen en volwassenen bij een zwemlesaanbieder met Licentie Nationale Zwemdiploma’s bij jou in de buurt.

  • Mijn kind heeft een (tijdelijke) beperking, kan het toch een diploma halen?

    Ons doel is dat alle kinderen in Nederland het Zwem-ABC halen. Ook kinderen met een (tijdelijke) beperking kunnen een zwemdiploma halen. Wanneer dat lang duurt of toch niet haalbaar is dan zijn er ook nog de Nationale Zwemcertificaten A, B en C. Zwemcertificaten zijn, net als het Zwem-ABC, stappen op weg naar zwemveiligheid. Bij elk zwemcertificaat is sprake van een verplicht onderdeel, dat een zekere mate van zwemveiligheid in zich heeft, en een open deel waar het kind al dan niet aan kan voldoen. In Nederland is een aantal instanties gespecialiseerd in het aanbieden van zwemles aan kinderen met een beperking. Zoek in de zwemleslocator een zwemlesaanbieder in de buurt en vraag naar de mogelijkheden.

  • Op welk moment kan ik mijn kind het beste aanmelden voor zwemles?

    De Nationale Raad Zwemveiligheid adviseert kinderen zo vroeg mogelijk vertrouwd te laten worden met water. Het moment van inschrijven verschilt per zwemlesaanbieder. Bij sommige aanbieders zijn er wachtlijsten voor de zwemles. Informeer vroegtijdig naar de mogelijkheden, om teleurstelling te voorkomen.

  • Schoolzwemmen, of zelf op les?

    In ongeveer dertig procent van de gemeenten in Nederland volgen kinderen via de basisschool zwemles. Schoolzwemmen wordt op verschillende manieren gegeven. Er zijn gemeenten die ervoor kiezen om een soort van ‘gymnastiekles in het zwembad’ aan te bieden. Andere gemeenten kiezen voor het schoolzwemmen gekoppeld aan het halen van zwemdiploma’s, Dit kan verschillen per gemeente en per basisschool.

    De meeste ouders kiezen er echter voor hun kind zelf al eerder op zwemles te doen. De schoolzwemles start meestal pas als de kinderen ongeveer zeven jaar oud zijn.

    Vooral jonge kinderen lopen risico in de buurt van water. Hoe eerder een kind zich in het water kan redden, hoe veiliger dat is.

    Ook de Rijksoverheid schrijft op haar website over schoolzwemmen.

  • Waar let je op bij het selecteren van een geschikte zwemlesaanbieder?

    Er zijn verschillende aanbieders van zwemles: zwembaden, zwemscholen en zwemverenigingen. Per aanbieder verschilt de lesmethode, of je wel of niet kunt kijken bij de les van je kind, de lengte van de wachtlijst en het bedrag dat je betaalt voor de zwemles. Ook de lesfrequentie en het moment van de zwemles verschilt. Klik hier en kies jouw ideale zwemlesaanbieder.

  • Waarom een Nationale Norm Zwemveiligheid?

    Het hogere doel van de Nationale Raad Zwemveiligheid is de zwemveiligheid van alle mensen in Nederland op een zo’n hoog mogelijk niveau brengen. Daarbij past een Nationale Norm en niet de situatie dat elke zwemlesaanbieder zijn eigen lokale norm bepaalt. Of een zwemlesaanbieder voldoet aan de Nationale Norm en of deze daarop door de Nationale Raad Zwemveiligheid wordt gecontroleerd, kun je bekijken in de zwemleslocator.

  • Waarom is het ene kind sneller dan het andere kind?

    Kinderen kunnen leren zwemmen, maar niet alle kinderen doen daar even lang over. Tachtig procent van de kinderen is gemiddeld, tien procent haalt zijn diploma’s sneller en nog eens tien procent doet er langer over. Dat is heel normaal. Dat een kind meer oefening nodig heeft dan gemiddeld, kan te maken hebben met de motoriek: niet iedereen ontwikkelt zich in hetzelfde tempo. Vaak heeft het echter te maken met angst. Het scheelt enorm als je je kind op tijd leert wennen aan water. Denk er ook aan dat je eigen houding van invloed kan zijn. Als je je kind steeds waarschuwt dat water ‘gevaarlijk’ is, kan het zijn dat hij/zij er bang voor wordt. Een heel klein deel is helaas niet in staat om een zwemdiploma te halen. Gelukkig is daar een zwemcertificaat voor.

  • Wat is de ideale leeftijd om te leren zwemmen?

    De Nationale Raad Zwemveiligheid vindt: hoe eerder een kind veilig is in het water, hoe beter. De meeste kinderen die verdrinken, zijn immers tussen de nul en vier jaar oud. Vanaf zeer jonge leeftijd zijn er mogelijkheden in het zwembad om kinderen veiliger in en om water te laten bewegen.

    De adviesleeftijd om te starten met zwemles voor het A-diploma is viereneenhalf tot vijf jaar. Er zijn ouders die liever eerder willen starten met zwemles, namelijk als hun kind vier of zelfs drie jaar is. De eisen die aan het A-diploma zijn gesteld, zijn te moeilijk voor een kind van drie jaar om te halen. Zelfs een kind van vier kan moeite hebben om de vaardigheden onder de knie te krijgen. Daar komt bij dat een kind van vier ook start op de basisschool. Dit is voor een kind een grote verandering, die veel energie kost. Wacht een half jaar en het kind zal makkelijker door de zwemlessen heen lopen.

    Ouders die graag willen dat hun kind leert zwemmen vóórdat het kind vier jaar oud wordt, kunnen beter voor het overlevingszwemmen/ouder- en kindzwemmen kiezen. Zo kan het kind ervaring opdoen in het water. Eenmaal begonnen met de zwemlessen voelt het kind zich dan al vrij en vertrouwd in het water.

  • Wat is de Nationale Norm Zwemveiligheid?

    De Nationale Norm Zwemveiligheid staat gelijk aan het Zwemdiploma C. Het complete Zwem-ABC is een paspoort voor een leven lang zwemplezier. Met de Nationale Norm Zwemveiligheid/Zwemdiploma C beheers je vaardigheden voor een zwembad met attracties en in open water zonder stroming of grote golfslag, zoals recreatieplassen en bredere sloten/vaarten (behalve in de zee). De Zwemdiploma’s A en B zijn tussenstappen naar het complete Zwem-ABC.

  • Wat kan ik doen als ik als volwassene mijn zwemles niet kan betalen?

    Zou je als volwassene wel willen leren zwemmen, maar kun je het niet betalen? Informeer dan naar de mogelijkheden voor een financieel duwtje in de rug bij het Volwassenenfonds Sport & Cultuur.

  • Wat kan ik doen als ik de zwemles van mijn kind niet kan betalen?

    Neem contact op met je gemeente. Er zijn vaak regelingen beschikbaar die het mogelijk maken de zwemlessen te bekostigen. Hier zijn voorwaarden aan verbonden. De regelingen, de beschikbaarheid hiervan en voorwaarden kunnen per gemeente verschillen.

    Je kunt ook kijken op de website www.samenvoorallekinderen.nl. Hierop hebben Stichting Leergeld, Jeugdfonds Sport & Cultuur, Stichting Jarige Job en Nationaal Fonds Kinderhulp gezamenlijke informatie staan over hun regelingen en hoe je aanvragen voor kinderen kunt indienen om daarop aanspraak te maken. Aanvragen voor vergoeding van zwemles kunnen ook direct via één aanvraagformulier op deze website worden ingediend.

  • Wat kost het halen van een zwemdiploma?

    De tarieven voor zwemlessen variëren per zwemlesaanbieder. Dat geldt ook voor de betalingswijze: soms kun je voor een hele cursus vooraf betalen, soms werken aanbieders met een strippenkaart of kun je per keer afrekenen. Kijk wat het beste bij jou past.

  • Wat wordt bedoeld met niveaus van zwemveiligheid?

    De Nationale Raad Zwemveiligheid heeft ieder niveau van zwemveiligheid gekoppeld aan een diploma van het Zwem-ABC. Je voldoet pas aan de Nationale Norm Zwemveiligheid als je het volledige Zwem-ABC op zak hebt. De Zwemdiploma’s A en B zijn tussenstappen naar het complete Zwem-ABC. Deze niveaus sluiten aan op de soorten zwemwater in Nederland waar volwassenen en kinderen zwemmen:

    • Zwemdiploma A: je beheerst vaardigheden voor een zwembad zonder attracties.
    • Zwemdiploma B: je beheerst vaardigheden voor een zwembad met attracties, zoals een (wildwater)glijbaan, een golfslagbassin en een stroomversnelling.
    • Zwemdiploma C: je beheerst vaardigheden voor een zwembad met attracties en in open water zonder stroming of grote golfslag, zoals recreatieplassen en bredere sloten/vaarten (behalve in de zee). Met dit diploma voldoe je aan de Nationale Norm Zwemveiligheid.

Na het Zwem-ABC

  • Hoe hou ik de vaardigheden van mijn kind op peil?

    Wie het Zwem-ABC heeft gehaald, heeft op dat moment voldaan aan de Nationale Norm Zwemveiligheid. Het is raadzaam om regelmatig te blijven zwemmen na het halen van het Zwem-ABC. Kinderen en volwassenen die hun geoefendheid niet op peil houden, lopen gevaar dat de opgedane vaardigheden in het water verminderen of zelfs verloren gaan. Het spreekt voor zich dat daarmee de veiligheid in het geding is. Zwemconditie houd je op peil door te zwemmen.

  • Mijn kind vindt het leuk nog iets in het zwembad te doen na het Zwem-ABC, wat zijn de mogelijkheden?

    Wie wil blijven zwemmen, kan kiezen om door te gaan voor één of meerdere diploma’s uit het vervolgaanbod. Met deze diploma’s maakt je kind op een leuke manier kennis met zwemmend redden, snorkelen of een leuke zwemsport. Ook kan je kind bij een zwemvereniging een zwemsport uitoefenen of bij een onderwatersportvereniging leren snorkelen of duiken. Klik hier voor meer informatie.

  • Zwemdiploma kwijt/bewaren?

    Het Nationale Zwemdiploma A, B en C wordt eenmalig verstrekt. In verband met de privacywetgeving is er geen landelijke database waarin wordt bijgehouden wie welk zwemdiploma in bezit heeft. De zwemlesaanbieder houdt soms gedurende een aantal jaren een database bij van gegevens. Voor sommige opleidingen, zoals in de sectoren sport, politie of brandweer, is het nodig het zwemdiploma te kunnen tonen bij de start. Bewaar het zwemdiploma daarom goed. Moet je het zwemdiploma kunnen overleggen en ben je die kwijtgeraakt? Dan heb je een aantal opties. Je kunt contact opnemen met de zwemlesaanbieder waar je destijds het diploma gehaald hebt. Mogelijk is daar in de administratie nog iets te vinden. Je kunt daarnaast contact opnemen met de opleiding. Daar wordt deze vraag vaker gesteld en kunnen ze je advies geven. Tenslotte kun je een zwemlesaanbieder in de buurt benaderen en vragen of je opnieuw kunt afzwemmen voor diploma A, B of C.

Veiligheid & hygiëne

  • Hoe zit het met de kwaliteit van het water en chloorgebruik bij de zwemlesaanbieders?

    De kwaliteit van het water in Nederlandse zwembaden is uitstekend en wordt streng gecontroleerd. De Wet hygiëne en veiligheid bad- en zwemgelegenheden (WHVBZ) is van toepassing en de provincies zijn de handhavende instanties. In alle zwembaden in Nederland wordt chloor gebruikt. Dat is op dit moment wettelijk verplicht. Chloor voorkomt dat schadelijke bacteriën die mensen bij zich dragen, zich verspreiden in het zwembad. De wijze waarop chloor in het zwembad terecht komt, verschilt. Sommige zwembaden laten het met een tankwagen aanvoeren en voegen het dan aan het water toe. Andere zwembaden werken met een systeem waarbij chloor in het zwembad zelf aangemaakt wordt (zoutelektrolyse). Een zwembad kan meer dan een miljoen liter water bevatten. Om dat schoon en helder te houden, gebruiken de meeste zwembaden twee soorten filters. Het eerste filter haalt vooral vaste deeltjes uit het water: huidschilders, textielvezels en dergelijke. Een biologisch filter zorgt er vervolgens voor dat opgeloste stoffen als zweet, urine en cosmetica uit het water verwijderd worden. Maak je je zorgen over de waterkwaliteit meld dat dan bij het zwembad of neem contact op met de provincie als handhavende instantie.

  • Waar moet ik op letten als mijn kind in en rondom water speelt?

    Met het Zwem-ABC zijn kinderen toegerust met vaardigheden om veilig plezier te maken in en om het water. Maar kinderen blijven kinderen en ouders moeten altijd blijven opletten. Bij open water, maar ook in een zwembad met toezichthouders.

  • Wanneer heeft mijn kind voldoende vaardigheden?

    Tijdens de zwemlessen voor het Zwem-ABC leren kinderen alle vaardigheden die nodig zijn bij het zwemmen in zwembaden en open water. Je kind moet zichzelf kunnen redden als het (per ongeluk) in het water terecht komt en onbezorgd plezier kunnen beleven in het water. De veiligheid en vaardigheid van je kind in het water loopt op met het behalen van de diploma’s. Alleen met het complete Zwem-ABC op zak is je kind echt veilig in het water. Dan voldoet je kind aan de Nationale Norm Zwemveiligheid.

  • Wat kan het effect zijn van chloor?

    Het kan gebeuren dat jij of je kind het chloor in het water onprettig vindt of er zelfs klachten door krijgt. Meestal beperkt zich dit tot rode ogen. Hoe het water wordt ervaren, is afhankelijk van de waterbehandeling: hoe vaak wordt het ververst? Hoeveel chloor wordt gebruikt? Maar ook het gedrag van de bezoekers speelt een rol.

    Zwemmen is gezond, dat staat buiten kijf. En de desinfecterende werking van chloor zorgt ervoor dat er veel minder mensen ziek worden dan vroeger. Maar het blijft een chemische stof. Wat veel mensen echter niet weten is dat eventuele klachten niet ontstaan door chloor, maar door de combinatie van chloor en het vuil van de zwemmers.

  • Wat kan ik zelf doen om de kwaliteit van het zwemwater te verbeteren?

    Ir. Maarten Keuten, onderzoeker aan de TU Delft, adviseert het volgende: ‘Als iedereen een douche neemt en naar het toilet gaat vóór hij/zij het water ingaat, scheelt dat 50 tot 75 procent vervuiling. Dan is minder chloor nodig en ontstaan minder rode ogen. Zwemmers hebben dus ook zelf invloed op de kwaliteit van het zwemwater, dat is wetenschappelijk bewezen.’

  • Wie kan mij helpen als ik denk dat er iets niet pluis is bij mijn zwemlesaanbieder?

    Kinderen zijn kwetsbaar en moeten in een veilige omgeving leren zwemmen. Niet alleen fysiek, maar ook sociaal. Om duidelijkheid te scheppen, heeft de Nationale Raad Zwemveiligheid samen met partners in de zwembranche de Gedragscode Zwembranche voor aanbieders van zwemlessen opgesteld.

    Centrum Veilige Sport

    Ondanks het bestaan van de Gedragscode Zwembranche kan er voor, tijdens of na de zwemles sprake zijn van gedrag dat als ongewenst wordt ervaren. Denk hierbij aan pesten, discriminatie of (seksuele) intimidatie. Een zwemles hoort sociaal veilig te zijn voor een kind. Grensoverschrijdend gedrag hoort daar niet thuis. Licentiehouders Nationale Zwemdiploma’s moeten zorgen dat er alles aan gedaan wordt om ongewenste zaken te voorkomen. Zo hebben alle lesgevers een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) en werken ze volgens de hierboven beschreven Gedragscode Zwembranche. Ondanks deze maatregelen kan het gebeuren dat het fout gaat of dat een ouder twijfels heeft maar niet goed weet wat hij of zij hier mee moet doen. (Ouders/verzorgers van) kinderen die les krijgen van een Licentiehouder Nationale Zwemdiploma’s van de Nationale Raad Zwemveiligheid kunnen in dat geval kosteloos een beroep doen op het Centrum Veilige Sport Nederland, onderdeel van het NOC*NSF (www.centrumveiligesport.nl). Een casemanager zal in eerste instantie als vraagbaak dienen. Indien wenselijk kan verdere ondersteuning worden geboden door een vertrouwenspersoon. Ook personen die op andere wijze betrokken zijn bij een dergelijke situatie, bijvoorbeeld iemand die ongewenst gedrag meent waar te nemen of een beschuldigde, kunnen een beroep op het meldpunt doen.

    Let op: met algemene vragen of klachten voor of over de zwemlesaanbieder, zoals over facturen, duur van de zwemles et cetera, kun je terecht bij de zwemlesaanbieder zelf. Zwemlesaanbieders die in het bezit zijn van de Licentie Nationale Zwemdiploma’s hebben een klachtenprocedure.

Waar op zwemles?

  • Waar moet ik op letten bij het selecteren van een geschikte zwemlesaanbieder?

    Er zijn verschillende aanbieders van zwemles: zwembaden, zwemscholen en zwemverenigingen. Per aanbieder verschilt de lesmethode, of je wel of niet kunt kijken bij de les van je kind, de lengte van de wachtlijst en het bedrag dat je betaalt voor de zwemles. Ook de lesfrequentie en het moment van de zwemles verschilt. Let erop dat de organisatie die de zwemles aanbiedt, de Licentie Nationale Zwemdiploma’s heeft. Alleen dan mogen de Nationale Zwemdiploma’s van het het Zwem-ABC, verstrekt door de Nationale Raad Zwemveiligheid, worden uitgegeven. Klik hier voor meer informatie.

Zwem-ABC

  • Hoe snel heeft mijn kind het Zwem-ABC compleet?

    Als het Nationaal Zwemdiploma A eenmaal binnen is, zijn Nationaal Zwemdiploma B en het complete Zwem-ABC (= de Nationale Norm Zwemveiligheid) ook binnen bereik. Uitgangspunt voor het gemiddelde kind om diploma A te halen is een lesduur van in totaal 48 klokuren. Voor diploma B staan nog eens 12 klokuren, en voor C nog 12 klokuren.

    Er zijn grote verschillen tussen kinderen in Nederland. De totale duur hangt deels af van kenmerken van de kinderen. Zo duurt het soms even voordat een zich vertrouwd voelt in water (geen angst) en pikt het ene kind de techniek van een zwemslag makkelijker op dan de ander. Daarnaast is de kwaliteit van de lesgevers cruciaal. Het goed kunnen aansluiten als lesgever op de verschillende kinderen in de groep vraagt veel kennis en expertise. De totale lesduur hangt niet samen met hoe vaak per week een kind lessen volgt. Het maakt niet uit of je 1x, 2x of zelfs 3x per week een les volgt. Wel zijn er vraagtekens bij extreem korte cursussen waarbij kinderen binnen een beperkt aantal weken hun diploma’s behalen. Hoewel ze op dat moment voldoen aan de normen denken we dat ‘snel geleerd’ ook weer ‘snel verleerd’ tot gevolg heeft.

  • Hoe weet ik dat ik een écht Nationaal Zwemdiploma in handen heb?

    Het Zwem-ABC uitgegeven door de Nationale Raad Zwemveiligheid heeft een aantal echtheidskenmerken. Op de voorzijde van het diploma is links bovenin in een wit clipje onder ons logo een uniek nummer en een zilverkleurig hologram te zien. Daarnaast is het ‘ABC’ blokje kenmerkend voor het Zwem-ABC.

  • Mag mijn kind een zwembrilletje op?

    Reageren de ogen van je kind erg gevoelig op chloor tijdens het zwemmen? Je kunt bespreken met de zwemonderwijzer óf en wanneer een chloorbrilletje tijdens de lessen gebruikt mag worden. Bij het diplomazwemmen is een zwembrilletje niet toegestaan (behalve bij de borst- en rugcrawl). De reden? Als je kind onverwacht in het water terecht komt, heeft hij/zij ook geen zwembrilletje op en moet je kind zich kunnen redden.

  • Moet dat nou, dat gat in dat zeil onder water?

    Dat vragen ouders zich weleens af. Sinds 1998 moeten kinderen bij het diplomazwemmen onder water door een gat in een zeil zwemmen, dat verticaal in het water hangt. Deze opdracht is toegevoegd, omdat de Nationale Raad Zwemveiligheid het belangrijk vindt dat een kind niet alleen onder water kan zwemmen, maar zich ook kan oriënteren door om zich heen te kijken. Die vaardigheid wordt getoetst door het kind door het gat te laten zwemmen: daarvoor moet het de ogen immers open houden. Als deze opdracht goed wordt opgebouwd tijdens de zwemlessen, levert dit geen problemen op voor de kinderen.

  • Moet mijn kind het diploma A, B én C halen?

    Ja, want alleen met het Nationaal Zwemdiploma A, B én C is je kind echt voorbereid op een leven lang zwemplezier. In 1998 is het zogenoemde Zwem-ABC ontwikkeld. Met de komst van de zwemparadijzen met wildwaterglijbanen en veel nieuwe vormen van recreatie in, op en bij het water, hebben kinderen andere vaardigheden nodig dan vroeger. Die andere vaardigheden leren kinderen vooral tijdens de lessen die voorbereiden op het Zwemdiploma C. Anders dan vroeger, toen er nog alleen diploma A en B waren, hebben kinderen dus ook echt diploma C nodig. Dit is de Nationale Norm Zwemveiligheid.

  • Waarom zwemmen kinderen met kleding aan tijdens het diplomazwemmen?

    De doelstelling van gekleed zwemmen is het nabootsen van een realistische situatie waarin een kind terecht kan komen. Daarmee zorg je ervoor dat kinderen niet in paniek raken als deze situatie zich daadwerkelijk voordoet. Als je kleding aan hebt, plakt dat aan de huid. Een kind kan daarvan in paniek raken als hij/zij dat niet gewend is. Een kind dat per ongeluk in het water terecht komt, draagt normale dagelijkse kleding en geen zwemkleding. Daarom wordt tijdens het diplomazwemmen getoetst of een kind zich ook gekleed kan redden.

  • Wat is het doel van proefzwemmen?

    Sommige zwemlesaanbieders bieden het kind de mogelijkheid vóór het examen proef te zwemmen. Zo wordt nagegaan of het kind klaar is voor het diplomazwemmen.

  • Wat moet mijn kind aan naar de zwemles?

    In de zwembranche is veel discussie over de vraag wat beter is: op een ‘natuurlijke’ manier leren zwemmen zonder hulpmiddelen, of het kind in het begin ondersteunen door het bandjes of een drijfpakje aan te doen. De Nationale Raad Zwemveiligheid kijkt naar het resultaat en dat is bij beide benaderingen hetzelfde. Zwemlesaanbieders zijn dus vrij in hun keuze of ze drijfmiddelen willen gebruiken tijdens de zwemles.

  • Wat zijn de kledingeisen voor het diplomazwemmen?

    De kleding die wordt voorgeschreven bij diplomazwemmen voor Nationaal Zwemdiploma A en Nationaal Zwemdiploma B:

    • Badkleding
    • Shirt of blouse met lange mouwen
    • Lange broek, jurk of rok tot de enkels
    • Schoenen (plastic, leren en sportschoenen zijn toegestaan; schoenen zonder echte zool zijn niet toegestaan)

     

    De kleding die wordt voorgeschreven bij diplomazwemmen voor Nationaal Zwemdiploma C:

    Hetzelfde als bij A en B met als extra:

    • Jas met lange mouwen
  • Welke schoenen zijn toegestaan tijdens het afzwemmen?

    De doelstelling van gekleed zwemmen met schoenen is het nabootsen van een realistische situatie waarin een kind terecht kan komen. Zowel plastic, leren als katoenen sportschoenen zijn toegestaan, zolang de schoen een echte zool heeft. Het doel is dat we kinderen de ervaring mee willen geven dat zij ook zichzelf kunnen redden wanneer je de voet niet vrij kan bewegen met elke willekeurige beweging, maar wordt tegengehouden door een harde zool.

  • Wordt de haak nog gebruikt?

    Jip en Janneke leren nog zwemmen aan de haak, maar je kind niet meer. De haak is niet meer van deze tijd. Gelukkig!

  • Zakken tijdens het examen, kan dat?

    Zwemonderwijzers laten hun leerlingen alleen deelnemen aan het afzwemmen als zij denken dat de kinderen het examen kunnen halen. Een leerlingvolgsysteem helpt om die afweging goed te maken. Maar een Examinator Nationale Zwemdiploma’s bepaalt uiteindelijk of je kind zijn diploma krijgt. Het is in principe dus mogelijk dat je kind zakt bij het diplomazwemmen.

  • Zijn zwembandjes en drijfpakjes toegestaan?

    In de zwembranche is veel discussie over de vraag wat beter is: op een ‘natuurlijke’ manier leren zwemmen zonder hulpmiddelen, of het kind in het begin ondersteunen door het bandjes of een drijfpakje aan te doen. De Nationale Raad Zwemveiligheid kijkt naar het resultaat en dat is bij beide benaderingen hetzelfde. Zwemlesaanbieders zijn dus vrij in hun keuze of ze drijfmiddelen willen gebruiken tijdens de zwemles.